Toen we bij Daniel Smith nadachten over het kleurenwiel en hoe we kleur konden bestuderen, stuitten we op dezelfde vraag die kunstenaars, wetenschappers, professoren en coloristen al meer dan twee eeuwen bezighoudt: welk kleurenwiel gebruiken we?

Er zijn verklaringen voor kleur gegeven in de vorm van driehoeken, diagrammen, bollen, cirkels, wielen en grafieken. In het begin van de 18e eeuw, Sir ISaac Newton toonde aan dat wit licht is opgebouwd uit alle spectrale kleuren. Hij creëerde een kleurencirkel waarbij de zuivere tinten van het spectrum aan de buitenkant van de cirkel werden geplaatst en vervolgens elke tint in het midden naar grijs werd afgezwakt.
De driekomponententheorie (voor het eerst geopperd door natuurkundige Thomas Young en later verder uitgewerkt door J.C. Maxwell en H. von Helmholtz) suggereert dat de natuur drie basissensaties kent die reageren op rood, groen en violet licht. Kleurendrukker Jakob LeBlon ontdekte dat hij alle zichtbare objecten kon weergeven met slechts drie kleuren: geel, rood en blauw. De Amerikaanse schilder Albert Munsell rangschikte zijn kleurenwiel op basis van tint, verzadiging en helderheid... terwijl Ostwalds systeem de pure tint definieerde en kleuren classificeerde op basis van de hoeveelheid wit en zwart die ze bevatten. Ewald Hering publiceerde zijn theorie die suggereerde dat drie paren van tegengestelde sensaties alle kleuren produceren: blauw en geel, rood en groen, zwart en wit.
Na uitgebreid onderzoek hebben we uiteindelijk besloten om ons kleurenwiel te baseren op kleurenzicht, oftewel de nauwkeurige meting van wat we met onze ogen waarnemen of zien – ook wel bekend als colorimetrie.
Klik hier voor meer informatie. Over ons onderzoek naar kleur en hoe je de bovenstaande CIE-Lab-kleurenkaart kunt lezen. Binnenkort verschijnt er een interactieve versie van deze kleurenkaart op onze website!





